Het is een zomerse zaterdagmiddag in Maastricht. De stad viert in september het feit dat zij 75 jaar geleden is bevrijd. De bibliotheek in het Centre Ceramique staat hier uitgebreid bij stil. Een filosofie-café is onderdeel van het aparte programma . “Ja hoor, u kan nog deelnemen”, was het antwoord van een attente bibliotheekmedewerkster op mijn telefonische vraag rond lunchtijd.   

Zo maakte ik om 15.30 uur kennis met Sanne Raap. Zij is verbonden aan de Universiteit van Maastricht en de gespreksleider van het filosofiecafé. Aan tafel in het café zitten veertien mensen en uit het voorstellingsrondje komt een divers beeld naar voren. Man, vrouw, jong, oud, woonachtig in de stad of – zoals ik – toerist voor een weekend. Sanne legt uit dat ze een korte duiding van het begrip ‘Bevrijding’ zal geven en dat het daarna de bedoeling is dat iedereen meepraat in het café. Dit is niet de plaats om alle genoemde betekenissen van de term bevrijding van de inleider te gaan beschrijven. Uit het verhaal van Sanne concludeer ik dat ook in dit verband het onderscheid tussen “macro en micro” behulpzaam is.

Macro betreft “de grote wereld”.  Aan tafel waren we het snel met elkaar eens dat het enorm toeval en geluk is om in een land te wonen waar al 75 jaar sprake is van afwezigheid van buitenlandse overheersing. Meningsverschillen kwamen vooral naar voren in het vervolggesprek over het microniveau. Voelen we ons in onze eigen kleine wereld ook vrij?  De reacties hierop varieerden sterk. De één wilde minder politie op straat, de ander juist meer. De één vond migratie een verrijking van de lokale gemeenschap, de ander schrok van groepjes nieuwe Nederlanders aan de Maasoever.

De reactie van een Maastrichtse dame van 81 jaar oud maakte de meeste indruk op mij. Met zachte stem vertelt ze over haar blijdschap bij de bevrijding van haar stad. Ze vervolgt met te vertellen hoe haar gevoel van vrijheid steeds sterker onder druk is komen te staan in de voorbije jaren. De oorzaak? Digitalisering. Verschillende zorgverleners hadden haar verplicht een smartphone te kopen. “Als ik hulp nodig heb die niet acuut is, moet ik eerst appen of e-mailen. Het is bij voorkeur niet de bedoeling dat ik ga bellen met de nieuwe telefoon. Nou, met deze spullen is mijn generatie niet opgegroeid, dus het gebruiken ervan is erg lastig. Ik heb het gevoel dat ik een in fuik terecht ben gekomen en de regie over m’n leven begin kwijt te raken.  Van de hulp van mijn kinderen word ik steeds afhankelijker en dat wil ik niet.”

Digitaliseren gegeven de mens
Niet eerder heb ik de gevolgen van digitalisering voor de oudere medemens zo indringend, want direct, ervaren. Digitalisering heeft dus ook tot gevolg: een beperking van de vrijheid om je eigen manier van leven door te kunnen zetten. ‘Digitaliseren gegeven de mens’: dat moet een leidend principe worden voor uitvoerende overheidsorganisaties, zorgverleners en andere (maatschappelijke) organisaties. Voortgaande digitalisering is onvermijdelijk. Dat er – nog meer dan voorheen – voor het bibliotheeknetwerk een grote opgave bestaat om het fuik-gevoel te bestrijden, werd mij duidelijk in Maastricht. Met dank aan de bibliotheek voor deze ontmoeting.

 

Terug naar de nieuwsbrief