Taxi Electric, WakaWaka. Specialisterren, Closing the Loop, Ava … het zijn slechts een paar voorbeelden van sociale ondernemingen die een brede betekenis geven aan begrip ‘winst. De eigenaren slagen erin om te groeien met hun bedrijf, om nieuwe werkgelegenheid te bieden aan hun medewerkers, om waardevol te zijn voor zowel klanten als voor de maatschappij. Zij laten in de praktijk zien dat het begrip ‘iedereen winst’ geen holle kreet is.

Groei
Recent onderzoek toont een relevante groei van het aantal ‘sociaal ondernemers’ in Nederland. Bureau McKinsey publiceerde vorige maand een rapport met de cijfers over de laatste vijf jaar. De onderzoekers spreken over ca 75.000 banen (groei 60%) en een financiële omvang van 3.5 miljard euro (3% van het Bruto Binnenlands Product).  Ondernemingen in deze sector kiezen hun positie tussen goede doelen stichtingen, commerciële bedrijven en de overheid in. Ze werken aan maatschappelijke vraagstukken en willen maatschappelijke waarde creëren. Denk bijvoorbeeld aan schone lucht, sociale cohesie of werkgelegenheid voor ouderen. Een specifieke rechtsvorm voor sociale ondernemingen is er in ons land nog niet. Een groep sociaal ondernemers probeert die situatie te veranderen door te pleiten voor meer formele erkenning, daarbij onder meer verwijzend naar het Social Business Initiative van de Europese Commissie. Voor meer informatie over hun pleidooi en initiatieven: zie www.socialenterprise.nl

Nationale opgave, mogelijke gedeelde ambitie
Bij gemeenten neemt de belangstelling om zaken te doen met sociaal ondernemers toe.  Dat bleek onder meer tijdens het congres ‘de social enterprise als business partner van de gemeente’ in september van dit jaar. Verschillende gemeenten maken al specifiek beleid en zoeken actief naar mogelijkheden om meer met sociaal ondernemers samen te werken. Dit klonk door in de boodschap van wethouder Depla uit Eindhoven, die sprak namens het G32 stedennetwerk tijdens die bijeenkomst.

GLL
Bij dat congres sprak ook Chris Symons, directeur van GLL, een grote sociale onderneming uit Engeland. GLL is een coöperatief bedrijf, opgericht in 1993 en eigendom van haar medewerkers. Het runt door het hele land ‘’public services’’, waaronder 35 bibliotheken. De belangrijkste opdrachtgevers in het bedrijfsmodel van GLL zijn gemeenten. Een indrukwekkende praktijk heeft GLL intussen opgebouwd.
Een laatste voorbeeld dat gemeentelijke belangstelling illustreert is de ‘Next Economy Roadmap’ van Rotterdam en Den Haag. Met name daar waar deze gemeenten schrijven over het belang van “levenslang leren, basisvaardigheden en actieve participatie’’ wijzen zij expliciet op een rol voor sociaal ondernemers.

Samen een perspectiefvolle weg inslaan
Dat op het veld van levenslang leren in Nederland nog veel ‘maatschappelijke winst’ is te boeken, is door diverse gezaghebbende partijen onderzocht en aangetoond.  Zo zijn ruim 2 miljoen mensen laaggeletterd en onvoldoende digivaardig. Het trainen van deze groepen mensen is een nationale opgave waaraan ook bibliotheken willen blijven bijdragen. De nieuwe campagne ‘de Bibliotheek maakt je rijker’ spreekt wat dat betreft boekdelen.

Strategische vragen verkennen
Vooral op het brede beleidsterrein van ‘participatie en persoonlijke ontwikkeling’ lijken er interessante samenwerkingsmogelijkheden te gaan ontstaan voor bibliotheken en sociale ondernemingen. Ons idee voor volgend jaar is daarom gezamenlijk een aantal strategische vragen te gaan verkennen:

– De genoemde nationale opgave is groot. Dit vereist een zakelijke aanpak: hoe kan een gemeenschappelijk bedrijfsmodel eruit zien?
– De waarde van de inspanningen wordt bepaald door de effecten op de doelgroepen. Hoe kunnen effectmetingen op elkaar worden afgestemd en gestandaardiseerd worden toegepast?
– Hoe kunnen sociaal ondernemers en bibliotheken door partnerships beter in staat zijn om de juiste, talentvolle (project)medewerkers aan te trekken?
– Welke kapitaalverstrekkers hebben belangstelling voor innovatieve investeringsmogelijkheden?
– Hoe kan een ‘triple win’ worden gerealiseerd: voor de betrokken doelgroepen, voor de overheid als opdrachtgever en voor sociaal ondernemers en bibliotheken als uitvoerende partners?
– Hoe kunnen we in dit kader een grootschaliger vorm geven aan een gezamenlijke open innovatie aanpak?
Wat dit laatste betreft staat op het lijstje met voornemens voor 2017 om in het voorjaar in te gaan op de uitnodiging van Chris Symons van GLL. Een bezoek aan Engeland gaat vermoedelijk nuttige informatie en inspiratie opleveren, om vervolgens samen met sociaal ondernemers in Nederland een perspectiefvolle weg in te slaan.

Peter van Eijk